De functies van het laboratorium | Gelre ziekenhuizen
alert
Corona

Ons laatste corona-nieuws en de meest gestelde vragen en antwoorden: klik hier

Zorg beter voor elkaar

De functies van het laboratorium

Bacteriologie (kweek)

Dit omvat microscopie, kweek en determinatie van bacteriën uit verschillende patiëntenmaterialen. De kweekmethode en kweektijd is afhankelijk van het type onderzoek. Van relevante potentieel pathogenen wordt tevens de gevoeligheid voor diverse antibiotica bepaald. De panels antibiotica zijn afgestemd op het geldende antibioticabeleid.

Moleculaire diagnostiek (PCR)

Dit houdt detectie van diverse virussen, bacteriën, parasieten en schimmels in, met behulp van moleculair biologische technieken. Ziekteverwekkers die zeer langzaam groeien, moeilijk te kweken zijn of in zeer lage aantallen in patiëntenmateriaal, voorkomen kunnen m.b.v. deze techniek worden aangetoond.

Mycologie

De mycologie houdt zich bezig met de microscopie en het kweken en determineren van gisten en schimmels.
Voor de determinatie van schimmels wordt gebruik gemaakt van de specifieke groei van de verschillende soorten schimmels. Voor de determinatie van gisten wordt gebruik gemaakt van de biochemische eigenschappen.

Parasitologie

Parasitologisch onderzoek kan plaatsvinden door middel van microscopie, serologisch onderzoek en moleculaire diagnostiek (PCR) van feces, urine, (weefsel)punctaten en bloed. Microscopisch onderzoeken naar bloedparasieten wordt verricht door het Klinische chemisch en hematologisch laboratorium (KCHL). De overige parasitologische diagnostiek, waaronder de microscopie van feces, urine en punctaten vindt plaats in het microbiologisch laboratorium (MMI). Serologisch onderzoek toont op indirecte wijze de aanwezigheid van specifieke parasieten door middel van detectie van antistoffen in bloed aan. De moleculaire diagnostiek met betrekking tot parasitaire infecties betreft met name fecesonderzoek en is in de plaats gekomen van de zogenaamde Triplefaeces Test (TFT).

Infectieziektenserologie

Met behulp van serologisch onderzoek kan men de aanwezigheid van diverse pathogene micro-organismen (bacteriën, virussen en parasieten) direct aantonen middels antigeendetectie en indirect middels de detectie van antistoffen tegen (delen van) deze micro-organismen.

Het aantonen van de aanwezigheid van antigenen in lichaamsmateriaal duidt meestal op een actuele infectie. Afhankelijk van het type antistoffen dat gedetecteerd wordt, kan onderscheid gemaakt worden tussen een actuele, chronische of een in het verleden doorgemaakte infectie.

Epidemiologie en Infectie preventie

Bij epidemiologisch onderzoek gaat het met name om onderzoek naar incidentie en⁄of prevalentie van infectieziekten binnen en/of buiten het ziekenhuis. Infectie preventie houdt zich bezig met het opsporen en monitoren van de aanwezigheid van bacteriën en virussen zoals MRSA, ESBL-producerende gram negatieve staven, MRGN (Multi Resistente Gram Negatieve staaf), Clostridium difficile en Norovirus middels behandeling en isolatie van patiënten.

Complementary Content
${loading}
Scroll