Een lumbaalpunctie (LP) is een ruggenprik. De neuroloog voert deze punctie/prik uit. Met een holle naald neemt de neuroloog ruggenmergvocht (hersenvocht, liquor). Hiermee kan de neuroloog onder andere de liquordruk meten of de samenstelling van de liquor onderzoeken. Bij veel neurologische ziekten levert dit onderzoek belangrijke informatie op.
Voorbereiding
U mag geen ruggenprik krijgen als u bij de trombosedienst loopt of antistollingstabletten gebruikt. Ook als er andere problemen zijn met uw bloedstolling, dient u dat aan uw arts door te geven. Voor het onderzoek is geen speciale voorbereiding nodig.
De uitslag
Voor het bespreken van de uitslag van de lumbaalpunctie met de neuroloog, krijgt u een nieuwe afspraak. Heeft u nog geen afspraak voor de uitslag, dan kunt u deze maken op de polikliniek Neurologie.
Complicaties
In 20-30% van de gevallen ontstaat hoofdpijn na de lumbaalpunctie. De hoofdpijn treedt op bij staan en verdwijnt weer bij plat liggen. De hoofdpijn is niet ernstig, maar kan wel heel vervelend zijn. In de regel verdwijnt de hoofdpijn binnen enkele dagen. Een enkele keer duurt dit langer, tot één week. Als de klachten langer dan drie dagen aanhouden, moet u contact opnemen met uw neuroloog.
Meer informatie leest u in de folder Lumbaalpunctie.



-Afbeeldingen-nieuw4.jpg)